Het coronavirus blijft zich door het hele land verspreiden, waardoor veel voorzieningen – waaronder studentenhuizen, hotels, vakantieappartementen, winkelcentra en andere gebouwen – onverhoopt moeten sluiten of met een zeer lage bezettingsgraad moeten functioneren. Hierdoor kunnen watervoozieningssystemen in gebouwen, waar normaal gesproken dagelijks honderden of duizenden liters water door kranen, leidingen en apparatuur stromen, gedurende een onbekende periode – mogelijk zelfs enkele maanden – stil komen te staan.
Door stagnatie kunnen ernstige problemen optreden die op lange termijn schade veroorzaken, de waarde van onroerend goed verminderen en zeer moeilijk te verhelpen zijn zodra het gebouw weer in gebruik wordt genomen. Welke problemen worden veroorzaakt door stagnatie in watervoozieningssystemen en wat kunnen gebouweigenaren hieraan doen?
Door een lage doorstroming en stagnatie in watersystemen neemt het gehalte aan desinfecteringsmiddelen af en stabiliseert de temperatuur zich op het omgevingsniveau. Dit schept optimale omstandigheden voor de vorming van biofilms in warm- en koudwaterreservoirs, warmwaterboilers, douchekoppen, kranen, ijsmachines, zwembaden, bubbelbaden, sierfonteinen en koeltorensystemen. Biofilms zijn ‘samenlevingen’ van aan oppervlakken gehechte bacteriën die rechtstreeks verband houden met ernstige corrosieproblemen, biovervuiling en de groei van legionella en andere ziekteverwekkers in het sanitair van gebouwen. Eenmaal gevormd zijn biofilms moeilijk uit watersystemen te verwijderen, zelfs bij hoge concentraties desinfecteringsmiddelen.
Hoewel elke situatie anders is, zijn er praktische maatregelen die u kunt nemen bij het buiten gebruik stellen van een gebouw om het risico op schade aan het watersysteem en de groei van via water overdraagbare ziekteverwekkers te verminderen:
Hebt u een plan voor legionella risicobeheer, dan zijn veel van deze stappen al vastgelegd. Zo niet, dan is het raadzaam om een specialist op het gebied van waterbehandeling te raadplegen, die u kan adviseren over specifieke maatregelen die u kunt nemen om het risico op problemen tijdens de buitenbedrijfstelling te verminderen, evenals over herstelmaatregelen om te nemen vóór het opnieuw in gebruik nemen van het gebouw.